De opmars van het veganisme

We zijn ineens allemaal veganistisch en vlees eten is zooooo verleden tijd!

Veganisme had tot 2 jaar terug nog een “suf” imago. Producten zoals veganistisch ijs en slagroom waren toen alleen nog online te bestellen. Tegenwoordig worden steeds meer veganistische producten aangeboden op food- festivals, in gewone supermarkten en wordt sociale media volgegooid met veganistische maaltijden. Je vindt voedingsmiddelen zoals, peulvruchten, notenpasta, lijnzaad en soja yoghurt steeds meer in voorraad- en koelkasten van Nederlanders.  Daarnaast is het maken van diervriendelijke, duurzame en gezonde keuzes steeds leuker en makkelijker.

Maar veganisme is niet zo makkelijk al dat het lijkt. Vaak denken mensen dat veganisme alleen maar om het eten van plantaardige producten draait en zien het als een soort dieet. De belangrijkste insteek van veganisme is om het dierenleed te vermijden en dat betekent meer dan alleen het eten van plantaardige voeding. Daarnaast is het consumptiepatroon ingesteld op het eten van dierlijke eiwitten en wanneer je veganistisch bent eet je geen kaas, boter, honing of een eitje. Ook is het controleren van verpakkingen essentieel, omdat bij de productie van bepaalde voedingsmiddelen dierlijke eiwitten zijn toegevoegd.

Milieu- en gezondheidsvoordelen

De productie van dierlijke voedsel is vaak meer belastend voor het milieu dan plantaardige voedsel. Voor de productie van vlees is 100 keer zoveel water nodig dan de productie van graan. Een vleesetend persoon verbruikt op deze manier veel meer water dan een persoon die minder vlees eet. Met het water dat verspild wordt kan een derde van de wereldbevolking een jaar lang in zijn vochtbehoefte worden voorzien.

Gezond eten is makkelijker met plantaardige producten dan met dierlijke producten. Het laten staan van dierlijke producten, zoals blokjes kaas en slagroomtaarten, zorgt voor minder snoepen. Daarnaast eten veganisten gemiddeld meer groente en fruit en zitten daardoor sneller vol, krijgen minder snel trek en laten op deze manier ongezondere dingen staan.

Milieu- en gezondheidsnadelen

Mensen die minder vlees en zuivel producten consumeren, zijn beter bezig voor het milieu. Echter is een voedselinname van alleen maar plantaardige producten niet automatisch het meest duurzaam. Voor een voedingspatroon met alleen maar plantaardige producten is veel meer landbouwgrond nodig dan voor een voedingspatroon met minder dierlijke producten. Daarnaast is een deel van ons landbouwgrond alleen geschikt voor vee en niet voor akkerbouw.

Veganistisch eten is niet het meest gezond. Vitamine B12 komt namelijk niet voor in een veganistisch dieet en is nodig voor de aanmaak van bloed en zenuwen. Het is daarom belangrijk dat je als veganist kiest voor supplementen of voedingsmiddelen die verrijkt zijn met vitamine B12. Daarnaast is de kans groot op een tekort aan omega- 3 vetzuren, vitamine D, calcium en zink. Gelukkig zijn hier wel voldoende veganistische bronnen voor die deze voedingsstoffen bevatten. Omega- 3 vetzuren en vitamine D vind je bijvoorbeeld in plantaardige oliën en halvarine zoals, lijnzaadolie en halvarine op basis van kokosolie.  Calcium zit in groente, zoals bloemkool, broccoli en spruitjes. Daarnaast zit zink in verrijkte ontbijtgranen, gekookte havermout en gebakken bonen in blik.

Het veganistisch eten heeft dus zijn voor- en nadelen. Als je over wilt stappen naar een veganistisch voedingspatroon, probeer dan niet alles drastisch te veranderen. Start bijvoorbeeld met een dag in de week geen vlees of kies voor plantaardig broodbeleg. Zo zetten we allemaal kleine stapjes naar een beter milieu!

Gerelateerde berichten

No results found

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Fill out this field
Fill out this field
Geef een geldig e-mailadres op.

14 + twintig =

Menu